Een dun laagje stof hult de eettafel in een grijsgrauw overjasje. Lydia streept er ijverig met haar vinger doorheen om zich met een hoofdletter L de halve dis toe te eigenen. ‘Knap hè?’, zegt haar blik. Voldaan kijkt ze Lucy aan, maar die is niet gecharmeerd. Sinds de bouw van de tweede verdieping op het weeshuis begonnen is, heeft de chaos in Lucy’s leven groteske vormen aangenomen.
Onder normale omstandigheden is het geen simpele taak om een familie te leiden waar acht vrouwen de lakens proberen uit te delen en ruim twintig peuters en kleuters in een constant gevecht gewikkeld zijn om evenveel individuele aandacht op te eisen als ze verwacht zouden hebben in een modaal gezin. Nu Lucy ook nog de zeurende dril van het boren en het aanhoudende neerdalen van gruis en zand te verduren krijgt, lijkt het soms of ze letterlijk bedolven wordt onder de puinhopen die vernieuwing soms veroorzaken kan.
Maar die puinhopen houden haar juist op de been. De zoete dagdroom van het moment dat ze de sleutel van háár nieuwe domein overhandigd krijgt geeft haar vleugels en met een besliste haal veegt ze alle stof behendig van de tafel. Lydia is niet blij. Die was trots op haar zelfgestreepte L en vreest dat ze nu haar territorium weer moet delen met wel acht broertjes en zusjes.
Tot Ana binnenwandelt, badend in het aura van een Oppermoeder en met de ongevraagde autoriteit van degene die het laatste woord heeft. Verrukt springt Lydia op, krult zich om Ana’s linkerkuit, en kraait uit: ‘Ik kan trappen klimmen, zonder handen! Wil je kijken?’
Want alleen wie trappen klimmen kan mag verhuizen naar die onbereikbaar lijkende badkamers met dolfijnen op de tegelmuur en de gloednieuwe stapelbedden van staal en met zo’n vastgeschroefde ladder om er op te klimmen! Zeg nou eerlijk, wie zou daar nou niet willen wonen?
Ook bij Proniño zijn het spannende dagen. Concepción kijkt even schuchter om zich heen, vermant zich dan, staat op, en neemt het woord. Voor hem zitten zestig kinderen, het voltallige bestuur van Proniño, twintig imponerende blanke buitenlanders, en op de koop toe staan er schijnwerpers en een tv camera op hem gericht. Op hem!
Vier jaar geleden kwam hij bij Proniño aan en was hij net tien geworden. Hij was nooit naar school geweest en had niet zo’n zin in het leven. Zijn vader was zoek, zijn moeder dood, zijn kleine broertjes een last.
Nu is hij voorzitter van de leerlingenraad. Deze week is een groep Amerikanen op bezoek, die gekomen zijn om samen met de kinderen een landbouwproject op te zetten. Daarmee worden kosten bespaard voor voedsel en leren de kinderen een opleiding. Zoals het serieuze Amerikanen betaamt, zijn de zaken grondig aangepakt; er is zelfs een tropisch landbouwexpert van zijn universiteitsstoel geplukt om leiding te geven aan het gemêleerde gezelschap.
Maar de rijzende sterren zijn de kinderen, en in het bijzonder Concepción. Samen met zes anderen is hij gekozen in het bestuur van de leerlingenraad en vanavond presenteren zij hun bevindingen. Ergens in zijn hoofd heeft hij een beetje spijt dat hij bij de generale repetitie zo goed gescoord had, want daardoor hebben die idiote buitenlanders in hun blinde enthousiasme de tv erbij gehaald! Hij, Concepción, kind van de straat, nu als volwaardig mens voor haast honderd man publiek. En een stad vol tv toeschouwers. Sommigen herinneren zich hem nog uit de duistere dagen, toen hij bedelde om eten en stonk naar zweet en naar urine. Nu ligt Proniño’s reputatie in zijn handen.
De andere kinderen balanceren tussen trots en jaloezie, het Proniño bestuur is nieuwsgierig, de Amerikanen houden hun adem in. Zij zijn de eerste mensen die hem ooit hun vertrouwen schonken, voor hen moet hij zich bewijzen. Maar vooral voor zichzelf.
Hij spreekt duidelijk, kijkt zijn publiek in de ogen, vertelt zijn verhaal. Na hem komen de andere leden van de leerlingenraad aan bod en de één na de ander doet het hem na, feilloos. De jongens stralen, de andere kinderen klappen hun handen rood, een enkele Amerikaan pinkt een traan weg van opluchting en van dankbaarheid.
Vandaag is het begin van Concepcións morgen en van een toekomst voor zijn kleine broertjes. Vandaag wordt Proniño volwassen.
In het voedingscentrum daarentegen is de sfeer bedrukt. Onlangs is Yolanda binnengebracht. Net als elk kind dat binnenkomt is ze ernstig ondervoed en lusteloos. Maar Yolanda’s geval is apart. Wat al gevreesd werd bleek waar. Yolanda was misbruikt. Haar broer kwam op bezoek en Yolanda werd hysterisch; ze kroop achter een krukje en schermde zich wanhopig af met haar te kleine handjes. Yolanda is vier, haar broertje twaalf. Ze heeft syfilis en een gebroken vinger die nooit is gezet en daarom haaks is vastgegroeid.
Onlangs vertelde de kinderrechter met de handen in het haar dat ze in één week tien dossiers van misbruikte minderjarige meisjes op haar bureau onbehandeld had opgestapeld. Voor hen is nergens plek. Al te oud, te misbruikt, te hopeloos, te vrouw. Myrian werd op haar negende zwanger van haar vader en zo werd vader opa van zijn eigen kind. De man is niet berecht. Myrian woont bij haar moeder maar is niet veilig. Wanneer wordt vader nogmaals opa?
Twee jaar geleden heeft Proniño met Homeless Child een meisjesslaapzaal gebouwd. Het bleek te vroeg. Geen geld voor gespecialiseerde opvang, te weinig middelen voor voedsel, opleiding en gezondheidszorg, eigenlijk nauwelijks genoeg geld om het al bestaande jongensprogramma verder te ontwikkelen. En om de jongetjes er nou uit te schoppen…
Gelukkig is er sindsdien flink aan de weg getimmerd. De slaapzaal wordt gebruikt voor een nieuwe fase in het verstevigde jongensprogramma en krijgt zo een uitstekende bestemming. Maar de meisjes dan?
Yolanda en Myrian hebben een droom. Om die waar te maken is geld nodig. En tijd, en kennis. Een handjevol geluk. Maar tijd kun je kopen, kennis winnen en geluk loop je in de armen als je op de juiste weg bent. De komende anderhalf jaar zullen we geen groot project meer uitvoeren maar onze geworven gelden aanwenden om de bestaande programma’s verder te helpen ontwikkelen.
Tegelijkertijd zullen we op zoek gaan naar de juiste lokale partners, naar goede relaties met de Hondureze instanties, naar specialisten met gedegen kennis, en naar nieuw geld in Nederland en elders om te proberen die droom waar te maken: een meidenhuis. Voor Yolanda, voor Myrian. Maar ook voor een waardige toekomst en een rechtvaardige wereld. Een wereld voor hen, voor u, voor ons allemaal.
Geef een kind een kans, schenk de wereld balans!
Enkele namen zijn gefingeerd en de misbruikte meisjes staan niet op de foto’s. Als u ons wilt helpen om onze en misschien ook uw droom waar te maken, nodigen we u van harte uit om met ons mee te denken, werken en delen. De kinderrechter van El Progreso heeft geen bevoegdheid over het leven van het negenjarige meisje dat zwanger raakte van haar vader, de jurisdictie lag buiten haar domein. In juli 2007 is Honduras stevig op de vingers getikt door het Internationaal Comité voor de Rechten van het Kind (Verenigde Naties, Genève). Verschillende lokale organisaties overwegen om meer internationale instanties in te schakelen en zodoende de Hondureze regering onder druk te zetten om de zorg voor haar jongste ingezetenen te verbeteren en door de regering ondertekende verdragen voor de rechten van het kind te respecteren. Homeless Child zal een dergelijk initiatief met woord en daad steunen.

In november zijn wij twee weken met veertien jonge vrouwen op lustrumreis geweest naar Nicaragua en Honduras. In ons eerste studentenjaar begonnen wij met sparen en na zeven jaar was het dan eindelijk zover…. Eén van de wensen van de reis was om iets terug te doen voor de bevolking en via Homeless Child besloten wij om een dag te besteden met de kinderen van Proniño.
Doña Rosa staart verbeten voor zich uit. Haar laatste menstruatie was drie maanden geleden. Het is al eens eerder gebeurd dat ze spontaan een tijdje niet gemenstrueerd had, maar dat was nadat orkaan Mitch in ’98 had huisgehouden en ze zodanig ondervoed was geraakt dat haar lichaam enkel nog de meest basale, urgente functies in stand hield en alle overbodigheden zoals tranen, vetaanmaak en menstrueren in de ban had gedaan.
In 2006 had Homeless Child besloten om naast de straatkinderen van Proniño ook een project voor ondervoede baby’s met doorstroom naar een weeshuis te gaan steunen. Voordat het weeshuis bestond, belandden baby’s die een decennium eerder ondervoed waren geweest na een lange omweg van bedelarij en klappen nogal eens op straat in drugsverslaving, prostitutie en bendes. Door de opvang te vervroegen, kon een hoop trauma en onrecht voorkomen worden.



