Ach lief Honduras, ik ken je nog maar zo kort en ben nu al zo verliefd. Net als je statige buurvrouw Nicaragua verleden jaar heb ook jij nu mijn hart weten te veroveren. Ik snap je niet al probeer ik je te begrijpen. Ik zie hoe mooi je bent maar ik mag alleen voorzichtig aan je komen, niet echt tot je doordringen. Je bent een ongrijpbaar juweel voor mij en dat maakt je extra aantrekkelijk.
Je rijke zusters met die soms zo illustere namen als Zwitserland, Verenigde Staten van Amerika of Europese Unie, die mogen jou niet echt. Ze komen graag je schoonheid stelen, ze plukken je bananen en je koffie, zonder je daarvoor redelijk te belonen. Verder gunnen ze jou geen blik waardig. Jij bent Assepoester en zij de echte dochters. Zouden zij vergeten zijn hoe dat sprookje afliep?
Ik heb je glazen muiltje gevonden en hij past want jij bent de mooiste. Als ik aan jouw stranden lig mag ik me naar hartelust wentelen in je golven en privé-kastelen bouwen van je zand. Ik ben alleen met jou want de rest ligt op het ordinaire Zandvoort, het arrogante Cannes of het verdoofde Ibiza. Als ik door je bergen dool neem je me op in je schoot. Dan til je me omhoog zodat ik uit mag kijken over al je schoonheid en mag ruiken aan je maagdelijkheid. Je bomen beschermen mij tegen de regen, je oerwoudgeluiden lossen op in mijn stilte. Dan zijn we opnieuw alleen. Je ruikt naar bloesem, fris en onvervuild.
Je bent zo mooi en zo onhandig, je chaos overtreft je logica, de hitte wint het van je werklust, maar je passie voor de liefde is sterker dan geld en ik proef dat je gelukkiger smaakt dan je rijke zusters. Hoe langer ik bij je ben, hoe mystieker je wordt, hoe meer je fonkelt als een voor mij ongrijpbaar juweel.
Ik zou het over de daken kunnen schreeuwen maar ik fluister het, zodat de rest van de wereld het niet horen kan want dan verlies ik je aan de massa: “Lief Honduras, ik hou van jou.”
